Schil de asperges, breek de houterige voet en de puntjes af. Houd de asperges apart voor de soep, de puntjes voor de garnering en kook alleen de schillen en voeten af in 2 liter water (minstens een kwartier).
Smelt een klont boter in een grote soeppot.
Snijd de soepgroenten fijn (hoe fijner je snijd, hoe sneller de soep gaar is) en laat aanstoven in de gesmolten boter op een laag vuurtje.
Snijd de asperges in fijne stukjes, roer onder de soepgroenten en laat een 6tal minuten meestoven op een zeer laag vuurtje. Kruid met witte peper en zout. Roer zo nu en dan om zodat de groenten niet bruinen.
Blus de soep met het gezeefde kookvocht van de asperges, roer er de instant groentebouillon door, breng aan de kook en laat rustig pruttelen tot alle groenten gaar gekookt zijn.
Pureer de soep met een staafmixer, proef en breng verder op smaak met peper en zout. Voeg ook de room toe en pureer opnieuw.
Net voor het serveren van de aspergesoep, doe je de aspergepuntjes bij in de soep en kook ze in de soep naar wens beetgaar of zachter.